Regelgevingen m.b.t. ‘Eid al-Fitr — Shaykh al-‘Oethaymien

Shaykh Moḥammed ibn Ṣāliḥ al-‘Oethaymīn:
Allah ﷻ heeft voor ‘Eid al-Fitr een aantal voorschriften bepaald. Ten eerste: het is aanbevolen om de takbīr te zeggen tijdens de nacht van ‘Eid. Dit begint zodra de zon ondergaat op de laatste dag van Ramadān en duurt tot de imām verschijnt voor het ‘Eid-gebed.De takbīr kan op de volgende manier worden uitgesproken: “Allāhoe akbar, Allāhoe akbar, lā ilāha illallāh. Wa-llāhoe akbar, Allāhoe akbar, wa lillāhi-l-ḥamd.” Een andere toegestane vorm is om drie keer “Allāhoe akbar” te zeggen: “Allāhoe akbar, Allāhoe akbar, Allāhoe akbar, lā ilāha illallāh. Wa-llāhoe akbar, Allāhoe akbar, Allāhoe akbar, wa lillāhi-l-ḥamd.” Beide manieren zijn toegestaan.
Mannen dienen hun stem te verheffen bij het uitspreken van deze dhikr, zowel in de markten als in de moskeeën en thuis. Voor vrouwen geldt dat zij hun stem hierbij niet mogen verheffen.
Ten tweede: voordat iemand naar buiten gaat voor het ‘Eid-gebed, is het aanbevolen om eerst een oneven aantal dadels te eten. De Profeet ﷺ ging op de ochtend van ‘Eid al-Fitr namelijk niet naar buiten voordat hij eerst een oneven aantal dadels had gegeten. Je kunt bijvoorbeeld drie, vijf, zeven of negen dadels eten—wat je zelf wilt, zolang het maar een oneven aantal is van minimaal drie. Zoals de Profeet ﷺ deed.
Ten derde: een man hoort zijn mooiste kleren te dragen op de dag van ‘Eid. Voor vrouwen ligt dit anders. Als een vrouw naar de gebedsplaats van ‘Eid wil gaan, mag zij geen opvallende of mooie kleding dragen. Dit is gebaseerd op de uitspraak van de Profeet ﷺ: “Laat hen (de vrouwen) tafilāt naar buiten gaan.” Dat wil zeggen: in normale, bescheiden kleding, die niet valt onder tabarroedj—het ongeoorloofd tonen van schoonheid. Het is voor een vrouw verboden om naar buiten te gaan in kleding die de aandacht trekt, en ook verboden om geparfumeerd de deur uit te gaan.
Ten vierde: sommige geleerden hebben het aanbevolen om de ghoesl (grote rituele wassing) te verrichten vóór het ‘Eid-gebed. Dit is namelijk overgeleverd van sommige van de Salaf (vrome voorgangers). Aangezien het ‘Eid-gebed een [gezamenlijk] ‘Eid-gebed is, wordt het verrichten van ghoesl ervoor aangeraden—net zoals dat het geval is bij het vrijdaggebed. De reden is dat mensen op beide momenten samenkomen op één plek. Daarom: als iemand ghoesl verricht vóór het ‘Eid-gebed, dan is dat iets goeds.
Dit geldt zowel voor degene die i‘tikāf (seclusie in de moskee) heeft verricht als voor degene die dat niet heeft gedaan tijdens de laatste tien dagen van Ramadān. Ook wie i‘tikāf heeft gedaan, hoort zijn beste kleding te dragen op ‘Eid. De i‘tikāf eindigt namelijk bij zonsondergang op de avond van ‘Eid. De Boodschapper van Allah ﷺ verrichtte i‘tikāf alleen tijdens de laatste tien dagen van Ramadān. Het is algemeen bekend dat wanneer de komst van de maand Shawwāl wordt bevestigd, Ramadān is afgelopen—en dus ook de laatste tien dagen ervan.
Ten vijfde: op de dag van ‘Eid wordt het ‘Eid-gebed verricht. Alle moslims zijn het erover eens dat dit gebed is voorgeschreven en wettig is. Wel is er verschil van mening onder geleerden over de vraag of het verplicht is. Sommigen beschouwen het als een soennah (aanbevolen daad), terwijl anderen zeggen dat het een fard kifāyah is—een collectieve verplichting, waarbij de plicht vervalt voor de rest als voldoende mensen het uitvoeren. Een andere groep geleerden is van mening dat het fard ‘ayn is—oftewel, een individuele verplichting. Volgens hen is degene die het ‘Eid-gebed nalaat zonder geldige reden, zondig. Zij baseren hun mening op het feit dat de Profeet ﷺ zelfs de vrouwen opdroeg om dit gebed bij te wonen. Hij riep zelfs de maagden, de vrouwen die de puberteit hadden bereikt, en de vrouwen die normaal gesproken niet naar buiten gaan, op om naar de gebedsplaats van ‘Eid te komen. De enige uitzondering die de Profeet ﷺ maakte, was voor menstruerende vrouwen. Hij gaf hen de instructie om de gebedsplaats te mijden, omdat een menstruerende vrouw niet in de moskee mag verblijven. Wel is het toegestaan voor haar om er doorheen te lopen, maar niet om er te verblijven.
Volgens mij – op basis van de bewijzen – is de juiste mening dat het ‘Eid-gebed een individuele verplichting is. Elke man is dus verplicht om het ‘Eid-gebed bij te wonen, behalve als hij een geldig excuus heeft. Maar wat als iemand het gebed mist? Moet hij het dan inhalen, of vervalt het voor hem? Shaykh al-Islām Ibn Taymiyyah (moge Allāh hem genadig zijn) zegt dat het inderdaad een individuele verplichting is. Toch stelt hij dat als iemand het ‘Eid-gebed mist, het dan vervalt en niet ingehaald hoeft te worden. Zijn reden daarvoor is dat het ‘Eid-gebed te vergelijken is met het vrijdaggebed. Wie het vrijdaggebed mist, hoeft dat immers ook niet in te halen—die bidt in de plaats daarvan gewoon het Dhohr-gebed. Als het vrijdaggebed niet samenviel met de tijd van het Dhohr-gebed, dan zouden we zelfs zeggen tegen degene die het vrijdaggebed mist: “Bid géén Dhohr.”
Wanneer iemand het vrijdaggebed mist, vervalt dat gebed voor hem—maar het Dhohr-gebed wordt dan wél verplicht, omdat dat op dat moment het gebedstijdstip is. Voor het ‘Eid-gebed ligt dit anders. Dat valt namelijk niet samen met het tijdstip van een ander verplicht gebed. Als iemand het ‘Eid-gebed mist, dan heeft hij dat specifieke gebed gemist—er is geen ander gebed dat het vervangt. Sommige geleerden zijn echter van mening dat het soennah is om het ‘Eid-gebed in te halen als je het hebt gemist. Dus stel dat jij aankomt op de gebedsplaats en de imām is al bezig met de khotbah (zoals bekend komt de khotbah bij ‘Eid ná het gebed), dan bid je het ‘Eid-gebed zelf nog, ter inhaling. Je bidt het op dezelfde manier zoals de imām het heeft gedaan, met de extra takbīrs:
-
In de eerste rak‘ah zeg je zeven takbīrs, inclusief de openingstakbīr.
-
In de tweede rak‘ah zeg je vijf extra takbīrs, exclusief de takbīr bij het opstaan (de overgangstakbīr).
Tijdens het ‘Eid-gebed reciteert de imām Soerat al-A‘lā (hoofdstuk 87) in de eerste rak‘ah en Soerat al-Ghāshiyah (hoofdstuk 88) in de tweede. Of hij reciteert Soerat Qāf (hoofdstuk 50) in de eerste rak‘ah en Soerat al-Qamar (hoofdstuk 54) in de tweede. Beide manieren zijn authentiek overgeleverd van de Boodschapper van Allah ﷺ.
Ten zesde: als het ‘Eid-gebed en het vrijdaggebed op dezelfde dag vallen, dan worden beide gebeden gewoon verricht. Dit blijkt uit de overlevering van an-Noe‘mān ibn Bashīr, die is overgeleverd door Imām Moeslim in zijn Ṣaḥīḥ. Dus zowel het ‘Eid-gebed als het vrijdaggebed worden uitgevoerd. Degene die het ‘Eid-gebed heeft bijgewoond met de imam, krijgt echter een keuzemogelijkheid: Hij mag ervoor kiezen om ook het vrijdaggebed bij te wonen, of om in plaats daarvan thuis het Dhohr-gebed te bidden.
Een andere regelgeving met betrekking tot het ‘Eid-gebed is de kwestie van het gebed bij aankomst op de gebedsplaats (moeṣallā). Volgens veel geleerden geldt: als iemand vóór de komst van de imam aankomt op de gebedsplaats, dan gaat hij gewoon zitten zonder eerst twee rak‘ahs te bidden (taḥiyyatoel-masjid – het begroetingsgebed van de moskee). Zij baseren zich op het feit dat de Profeet ﷺ het ‘Eid-gebed verrichtte in twee rak‘ahs, zonder daarvóór of daarná nog andere gebeden te verrichten. Aan de andere kant zijn er ook geleerden die zeggen dat iemand niet mag gaan zitten voordat hij twee rak‘ahs bidt, omdat de gebedsplaats van ‘Eid volgens hen dezelfde regelgeving heeft als een moskee. Hun bewijs hiervoor is dat de Profeet ﷺ menstruerende vrouwen verbood om in die ruimte te verblijven—wat enkel geldt voor moskeeën. Dus, zeggen zij, als die regels hier gelden, moet het wel een moskee zijn. Op basis daarvan valt de gebedsplaats onder de algemeenheid van de uitspraak van de Profeet ﷺ: “Als iemand van jullie een moskee binnengaat, laat hem dan niet gaan zitten voordat hij twee rak‘ahs heeft gebeden.” Wat betreft het feit dat de Profeet ﷺ zelf vóór of ná het ‘Eid-gebed geen extra gebed verrichtte: dat komt omdat er geen nood toe was. Wanneer hij ﷺ aankwam, werd het ‘Eid-gebed direct begonnen, en dit gebed verving dus de begroeting van de moskee. Net zoals de begroeting van de moskee ook vervalt door het verrichten van andere verplichte gebeden. Als we zouden zeggen dat de gebedsplaats van ‘Eid geen begroetingsgebed kent, dan zouden we ook moeten zeggen dat de moskee op vrijdag geen begroetingsgebed kent. Want toen de Profeet ﷺ binnenkwam voor het vrijdaggebed, hield hij meteen de khoṭbah, verrichtte daarna twee rak‘ahs en vertrok vervolgens. De rātibah (soennah-gebed) van het vrijdaggebed verrichtte hij thuis. Dus hij verrichte geen twee rak‘ahs vóór het vrijdaggebed, en ook niet erna. Daarom is volgens mij de meest correcte mening: dat men in de gebedsplaats van ‘Eid wel twee rak‘ahs van taḥiyyatoel-masjid bidt bij aankomst. Tegelijkertijd geldt: we mogen elkaar hierover niet bekritiseren, want dit is een kwestie waarin de geleerden van mening verschillen. En in zulke gevallen hoort er geen veroordeling plaats te vinden, tenzij er een duidelijke bewijstekst uit de Qor’ān of de Soennah is. En in dit geval is zo’n duidelijke bewijstekst niet aanwezig. Dus wie aankomt en onmiddellijk gaat zitten, die mag niet worden aangesproken met: “Sta op! Je moet eerst twee rak‘ahs bidden!” En wie wel twee rak‘ahs bidt, mag ook niet worden toegeroepen met: “Ga zitten! Dit is geen moment om te bidden!”
Een van de regelgevingen van de dag van ‘Eid is ook het geven van Zakāt al-Fitr. De Profeet ﷺ heeft bevolen om deze liefdadigheid uit te geven vóór het ‘Eid-gebed, of voordat de mensen naar buiten gaan om het gebed te verrichten. Zoals eerder vermeld, is het toegestaan om Zakāt al-Fitr ook één of twee dagen vóór ‘Eid te geven.
Sommige mensen hebben de gewoonte om op de dag van ‘Eid naar de begraafplaatsen te gaan om de overledenen te feliciteren. Maar waarom zouden we de bewoners van de graven feliciteren? Hebben zij gevast of het nachtgebed verricht? Nee, zij hebben dat niet gedaan—dus er is geen reden om hen te feliciteren. Bovendien is het niet voorgeschreven om specifiek op de dag van ‘Eid, of specifiek op vrijdag, of specifiek op welke andere dag dan ook naar de begraafplaats te gaan. De Profeet ﷺ zei: “Bezoek de graven, want zij herinneren jullie aan het Hiernamaals.” Als iemand zegt: “Wie een verhard hart heeft en het Hiernamaals is vergeten, zou naar de begraafplaats moeten gaan om eraan herinnerd te worden”, dan is dat een uitspraak die dicht bij de waarheid ligt. Want de reden die de Boodschapper ﷺ gaf voor het bezoeken van graven, is dat het mensen herinnert aan het Hiernamaals. Dus telkens wanneer wij onachtzaam worden over het Hiernamaals, dan is het goed om de graven te bezoeken. Maar om er een gewoonte van te maken om specifiek op de dag van ‘Eid naar de begraafplaats te gaan, is onjuist en ongepast. Waarom? Omdat het bezoeken van de graven een vorm van aanbidding is. En een daad van aanbidding moet overeenkomen met de islamitische wetgeving in zes aspecten, waaronder het tijdstip. Is het door de Boodschapper ﷺ bepaald dat het bezoek aan de graven specifiek op de dag van ‘Eid moet plaatsvinden? Nee. Dus ook wij mogen de dag van ‘Eid niet speciaal uitkiezen om de graven te bezoeken.
Wat betreft mannen die elkaar op de dag van ‘Eid omhelzen: daar is geen probleem mee. Wat het kussen van vrouwen betreft: als de vrouw tot je maḥrams behoort (zoals je moeder, dochter, zus enzovoort), dan is het in principe toegestaan om haar te kussen. Toch hebben de geleerden dit afgeraden, behalve in specifieke gevallen. Zo mag een man bijvoorbeeld zijn moeder op het voorhoofd of hoofd kussen. Ook mag een vader zijn dochter kussen. Wat betreft de andere maḥrams: het is beter en veiliger om het kussen op de wang of lippen te vermijden.
Het is ook een voorgeschreven Soennah voor degene die naar het ‘Eid-gebed gaat, om via de ene weg heen te gaan en via een andere weg terug te keren. Dit deed de Boodschapper van Allah ﷺ ook. Deze Soennah geldt uitsluitend voor het ‘Eid-gebed. Voor het vrijdaggebed is het dus geen Soennah om langs een andere weg terug te keren. Ook bij de vijf dagelijkse verplichte gebeden is dit niet voorgeschreven.
Bron: youtube
Vertaling: moskee el albani
Zie ook:
De takbīr doen op een gezamenlijke manier met één stem in koor, is een innovatie! — Shaykh al-Fawzān
https://www.youtube.com/shorts/YrRCg5tkeX0
Leer de uitspraak van de takbīr van ‘Eid (met audio):
https://www.youtube.com/shorts/qNSvZSOrzdY
Met welke woorden feliciteren we elkaar op de dag van ‘Eid? — Shaykh al-ʿOethaymīn
https://www.youtube.com/shorts/zzSve2xVEOU